h a r o h n n y

An online artificial outing of extremely unreasonable sense, so as to be foolish or (not) taken serious. Written by Bo V and Aïda G.

Categorie: 2011 – 2012

Parodie van de geeuwende pendelaar – by Aïda G

Overslapen is menselijk. Vaak de oorzaak waardoor menig deel van de mensheid reeds te maken had met nakende naakten (ontslagen weliswaar). Nu de crisis stagneert en de gemeenschap opnieuw hoop krijgt in een betere toekomst komt dat uiteraard minder hard aan. Desalniettemin. Laatste zondag eindigde de assimilatie van een slaaptekort en iPhone die minder decibels dan gewenst scandeerde echter in een heropleving van de crisis en een bominslag in mijn sociaal leven. Humhum. Welcome to my life. (Simple Plan stond eveneens opnieuw in mijn playlist deze week. It’s a sign.)

Do you ever feel like breaking down? Hell yeah. We schrijven acht uur en tweeëntwintig minuten wanneer ik besef dat de thalys die ik plande te nemen reeds zonder mij zijn tocht naar Brussel had ingezet. Bye bye. Baby, bye bye. Janis zou trots zijn.

Anderen waren reeds druk bezig zichzelf en hun stramme spieren te wagen aan een genoegzame stretching. En daar stond ik. Met een gescheurde panty en seizoensongepaste kledij. Mijn Dr. Martens slechts half geveterd. Koffievlekken, overal. En de uit het oog verdwijnende trein. Wenen.

Do you ever feel out of place? Er zijn slechtere plaatsen om een trein te missen uiteraard. Ik verwijs naar Beervelde, Timboektoe en/of één of ander Waals boerengat. Jazeker. En toch. De koffie die volgde op dit filmische drama had een net iets té penetrante Franse nasmaak om volledig moreel correct te smaken.

Advertenties

Yes sir, I can boogie – by Bo V

Dirty Dancing, Footloose, Grease, Hairspray,… Dansfilms zijn net als een goeie chicklit: je kan er niet mee stoppen en je hoopt ooit er zelf eens in te zitten.  De moves en lederen vest van John Travolta, daar zeg je toch geen nee tegen?

Jammer genoeg zeggen de meeste uitgaansmogelijkheden de dag van vandaag daar wel nee tegen. Ze zeggen ja tegen de mainstream tunes van Rihanna, David Guetta en – tienmaal helaas – draaien Gangnam Style tot we er zo grijs van worden als de opa van de paus.  Een move die eerder past op een smaakloze Hells Angel- achtige mobilette dan op de door bier doordrenkte toog in een stinkende dancing zie ik John Travolta dan ook niet snel doen. In de eerste plaats omdat hij nooit op een gladde toog zou staan met zijn fancy schoentjes. Ook omdat zijn witte kousjes vuil zouden worden van het bier, en dat is zoiets als heiligenschennis.
Of zie jij Patrick Swayze soms pintenheffende gebaren maken tijdens de geweldige eindscène waarbij hij Jennifer alle hoeken van het podium laat zien?
No one leaves Baby in a corner.  

Om te beginnen moeten we de rock’n- roll terug tot leven wekken. Niet alleen bij de kern van dancable volk, maar ook de massa errond bereiken. Hen doen ontwaken uit hun roes van dance- indoctrinatie en terug laten kennismaken met waar het allemaal begon – nu voel ik me pas een opa. Het is nu ook niet de bedoeling dat we alle muziek die sinds de jaren 90 is geproduced helemaal gaan bannen, het gaat niet per se om de tijd, wel om – het kind moet een naam hebben – de boogie die erin zit. Het is een soort vibe, swing, die het ene nummer heeft en het andere niet. 
Zonder de boogie zijn meer dan een paar flauwe voetschuifeltjes en heupdraaiingen net alsof je vliegen aan het doodmeppen bent en daarbij een zombie naabootst. Zonder de boogie zou Johnny nooit Baby’s hart veroverd hebben. Niet dat iedereen zomaar zou kunnen dansen als Baby, genen zijn ook een belangrijke factor (die ik – snif – niet bezit).

Het moet ook verder gaan dan dat. Weg met die studentikoze pintjes en vodka- redbulls. Hello punch! En op kledingvlak: leren vestjes, corsages, prom dresses, taillebroeken, cocktailjurken, alles wat gemakkelijk zwiert en je niet beklemt in de vrijheid. Hetzelfde met de overal aanwezige plat gestylede kapsels waar absoluut geen haartje mag uitspringen of je moet je een uur opsluiten in de toiletten om er terug iets deftigs van te maken. Laat de boogie in je haar vrij, laat het zwieren, draaien, waaien, krullen,…wat je maar wil, zolang je maar stop zegt tegen de barbie en ken in jezelf.

Nu stop ik met preken en ga nog eens Dirty Dancing kijken. Lots of boogie loves.

You’re never fully dressed without a smile – by Bo V

The girls are back in town. Net als de boys en de niet te categoriseren randgevallen die we niet mogen uitsluiten zodat we niet beschuldigd worden van genderdiscriminatie. We zijn dus terug in’t stad, en dat zal iedereen geweten hebben. Voorraad Don Simone en Hanepoot? Check. Nieuw Glee- seizoen? Check. Nieuwe resem nog fancier en allesbehalve mainstream feestjes? Check. Nieuwe vriendjes en vriendinnetjes om ons samen mee te bezatten? Check. En – of course – nieuwe literatuur om onze dode uren mee te vullen. Die er wel eens kunnen zijn, zo’n twee maand per jaar. 

Maar naast feestjes moet er ook geshopt, gelachen, gehuild, gegooid, gesmeten, gefaald en ge… (zelf aan te vullen) worden. We hebben nieuwe schoenen nodig om ons streetstyle- imago te bevestigen. Liefst met een stevige hak om de edele delen van rondsluipende verkrachters te vermorzelen tot aikipuree. Een geniepige glimlach wanneer die gestetrien voor je met haar wedges in een verse drol stapt. Een fake tandpastasmile wanneer je aan het werk bent als overpoortslet en je moet inhouden geen volle plateau vodkashotjes over een johnnykerel zijn bol te kappen. Waarbij je dan geniepig zou lachen. Een gemeende schaterlach wanneer je een Elmo- onderbroek cadeau krijgt van je citytrippende vriendinnen.

Een door tranen bedrenkte glimlach bij de sterfscène van Danny in Pearl Harbor en op het moment dat Rachel Finn verlaat in Glee. We huilen pas echt als we doorhebben dat Danny écht dood is en Rachel niet meer terugkeert naar Finn. We huilen wanneer onze hormonen op hol slaan, we zo hard stuiken door onze zattigheid dat zelfs de eigen voeten een obstakel worden, we niet krijgen wat we willen, we iets kwijt zijn dat ons zo dierbaar is dat huilen het enige is waartoe we nog in staat zijn.

We gooien met borden vlak voor onze scheiding – geef het een jaar of 20 en driekwart van jullie heeft al een eerste huwelijk achter de rug – of vlak erna bij de verdeling van het servies – ‘dit was een erfstuk!’. We gooien met boeken als ons lief ons bedriegt. Of om te testen hoe stevig de kaft  is. Het wetboek mediarecht is een goeie. We gooien met schoenen als we een psychische stoornis hebben, want met schoenen gooien dat doe je gewoonweg niet. Nee, zelfs niet na tequila. We gooien met bananenschillen om diezelfde trien met de wedges nog eens te zien stuiken. We smijten bij een bitchfight. Anders niet, nooit, never. Rule nr.1 als je als meisje door het leven wil gaan en dus niet bekeken wil worden als manwijf – en dan blijf ik nog beleefd.

We falen evenveel als we dutsen, we dutsen evenveel als we falen. Wanneer we geen pc hebben bijvoorbeeld, of als de prof je naar voor laat komen om – opnieuw – te falen voor je duizend aandachtige en minder aandachtige toeschouwers. We falen wanneer we een vijf uur durend spelletje Risk verkiezen boven gezellig triviallen met onze o-zo leuke kotgenoten.

Maar of we nu falen, huilen, gooien, smijten, dutsen of rondhangen op artistieke zolderkamers, stiekem, heel stiekem, draait alles –  soms in ons hoofd – toch uit op een feestje. But there should always be whisky in the jar.

Don’t walk away in silence – by Aïda G

Na menig vertiervolle avonden scheen gisteren een dieptepunt in mijn carrière te worden. Half uit ‘t raam van een Brussels appartement bungelend trachtte ik de onvatbaarheid van de hemel te aanschouwen zonder ten onder te gaan aan een gevoel van vervlogen nostalgie doorspekt met bittere kernen van gevoel van gemis. Smartelijk besef.

Voor eens was er geen muziek die de stilte wist te breken. De stilte was er gewoon. Sereniteit onder het mom van zielenrust. Vredige onmededeelzaamheid. Het moment tussen de laatste woorden waarmee ik afscheid nam van A en de gedoogde begroeting van B. Continuïteit in de vorm van personae. Toeval? Convulsie van het lot misschien.

Maar er was dus die ene stilte die mij tot ‘t graven naar de essentie van die geluidloze panne binnen de tijd voerde. Tonaliteit onder nul. Maakt stilte het verschil tussen vatbaarheid en surrealisme? Of wordt de banaliteit hier alweer te veel eer aangereikt? 

Wie ‘t zeggen kan neemt maar beter plaats in zijn kano en vaart hierheen. In tussentijd scandeert Curtis olijk de aanzet van Atrocity Exhibition. Opsmuk en definitief vertrek naar een hoogfeest in de stad zonder op een waardige manier de stilte te molesteren zou pas oneervol zijn. Toch?

Why is the rum gone? – by Bo V

Zo vaak wordt gezegd dat kinderen het kind in jezelf terug naar boven halen. Over de grijze haren die je er van krijgt wordt niks verteld – of toch wel, maar dan word ik selectief doof. Ik moet zeggen, het vriendschapsbandjes- en verkleedgedeelte bevalt me wel, net als de springkastelen en dolfijnenshows. Helaas heb ik het plezier van non-stop blèren om je mammie nooit mogen bevatten. Je ne regrette rien.

Gelukkig staat Sex and the City altijd klaar om me van mijn herwonnen kindsheid af te helpen. ‘Mais c’est comme une saucice’ is zonder twijfel enkele niveaus hoger dan die eeuwige vragen van een zesjarige snotneus waarom hij de gaskraan niet mag openzetten. (Echt niet, juf?)
Het moeilijkste is dus niet je in te leven in hun wereld – gewoon je IQ tijdelijk verminderen – maar een antwoord te weten op al hun vragen. Want die heb je niet altijd, hoe volwassen en intellectueel volgroeid je je ook voelt. Hoe komt het dat we op een bepaald moment stoppen met ons zoveel vragen te stellen zonder het antwoord ooit geweten te hebben? Is het omdat we niet willen toegeven aan onszelf dat we nog zijn blijven stilstaan in het stadium waarbij we ons afvroegen hoe het komt dat een cupcake opzwelt in de oven en zitten we dus in één lange ontkenningsfase? Of hebben we er doorheen de jaren vrede mee genomen dat sommige dingen gebeuren zonder reden?

We weten niet of de wereld ooit zal vergaan, wat er zich achter bepaalde duren bevindt en waarom eiwit in de mixer verandert in iets wat lijkt op slagroom.  
We hoeven het ook allemaal niet te weten, want dan hebben we geen enkele reden meer om ons terug kinds te voelen. Als alle vragen opgelost zijn, gaan we niet meer in het wildeweg met een bal gooien en in onze handen klappen als hij op een ander kind zijn neus terecht komt, giechelend om de rode sappen die eruit gutsen. Dan gaan we ons niet meer verkleden in Spiderman en Mega Mindy, want we weten dat superhelden niet meer zijn dan commerciële verzinsels om verstandelijk lagere wezens het gevoel te geven dat ze niet alleen zijn op deze sterfelijke aardbol.