French cancan – by Bo V

door harohnny

Welkom bij de zonnestralen. Welkom bij het vuile Atlantische water waarin je je voelt als een mossel wekend in de marinade – en waarbij de wieren aan je lijf plakken als je uit het water komt. Welkom bij de olijven, Pineau en andouilles (lees: worst gemaakt van de maag en ingewanden van het varken). Welkom bij de verbrande billen, de beachboys met hun gouden kettingen die je kan kopen aan de meter aan een kraampje op een van de vele marchés nocturnes met de ‘originele’ kunstwerken van grootse schilders – de Mona Lisa, waarom niet? -, hun witte petjes van DG in letters van échte swarovski, de gebloemde hawaïshorts – hoe kan het ook anders – die net iets te laag hangen waardoor de Björn Borg mooi zichtbaar is terwijl ze op hun schouder een stereo dragen waaruit ‘Give me everything tonight’ schalt, en dit moois allemaal vergezeld van een net iets te zongebruinde huid waarbij het wasbordje dat dit alles af zou maken nog net ontbreekt. De ideale man dus, als je geen problemen hebt met het ontbreken van stijl, persoonlijkheid, intelligentieniveau en een goede muzieksmaak. Natuurlijk ook welkom bij de cocktails met apen-, papegaai-, doodskop-, olifanten -en pandagarnituur. Welkom bij de prachtige Franse ballades en chansons (waaronder Tom Dice die een Frans accent faket – hij is voor een keer niet aan het p*ssen). Welkom in een pittoresk Frans dorpje met maar liefst een café, een bakker, een beenhouwer (te mijden als je niet houdt van verse leverbrochettes, hersentjes of varkenskoppen), een institut de beauté en een vétérinaire met evenementen als karaokeavonden – tot in de vroege uurtjes, hoho! – waar zelfs de plaatselijke jeugd – maar liefst 4 hele jongeren! – op afkomt. Welkom in de Charente- Maritime. Welkom in het vredige Frankrijk! Wat niet gezegd kan worden over het net iets minder vredige Engeland, maar daar lieten de Britse A and her annoying brother hun zandkasteelpret niet door verstoren, evenals het Britse gepensioneerde echtpaar dat al naargelang hun liters wijn vorderden ook hun volumeknop zichzelf in de richting van het maximum draaide, liet hun ‘kreejm brûleej’ en kaasplank er niet minder door smaken. Maar ook de Amerikaanse invloed ontbreekt er niet, en dan heb ik het over het cliché van de dikke Amerikaan in Mc Donalds. Hier waren het wel geen Amerikanen, maar toeristen die hun bord met gemak op hun buik konden neerplanten. Waarom geld besteden aan onnodig meubilair, als je alle middelen de hele tijd bij je hebt? Nee, deze toeristen weten wel beter. Vakantiegeld besteed je aan prullen die ze je aansmeren, caramalspekken die je bij ons in om het even welke supermarkt en nachtwinkel kan vinden maar die daar tien keer meer kosten ‘omdat het handgemaakt is met verse producten uit de regio!’, ook al haten ze caramelspekken omdat ze aan je tanden plakken en je dan de hele dag caramel zit te eten. Je laat je overhalen zeven flessen aperitief uit de streek te kopen, omdat je er dan een gratis krijgt, ook al wil je er maar twee en heb je eigenlijk liever een goeie Jupiler – Mannen weten waarom! – uit blik.
Toeristen, je hebt ze in alle maten, soorten en gewichten. Ze lopen in je weg, zorgen dat je plaatsvervangende schaamte voelt als ze staan te fluiten voor een straatanimator die een gaydansje doet, kopen massa’s cd’s van peruvianen met hun panfluit en indianenveren als souvenir voor hun familie, het feit vergetend dat dezen in elke stad, bij elk evenement hun kamp opslaan en hun radio op maximum zetten om zo echt mogelijk te kunnen playbacken. Ze eten Brusselse wafels terwijl ze roepen ‘regarde, une spécialité de la région!’ en kopen kilo’s artisanale Franse chocolade om hun voorraad in te slaan tot volgend jaar. Toeristen, het is een echte plaag. En terwijl ik lik aan mijn ijsje met Brownies, de volleyballende beachboys bekijk door mijn nieuwe Franse zonnebril, de Peruviaanse panfluiters een minachtende blik schenk en mijn voorraad Lays met cheeseburgersmaak insla voor thuis, realiseer ik me met een shock: ik ben zelf een toerist (maar dan wel een met stijl).

Advertenties