h a r o h n n y

An online artificial outing of extremely unreasonable sense, so as to be foolish or (not) taken serious. Written by Bo V and Aïda G.

Was it so long ago, when you said you love me so ? – by Aïda G

Papapapadam pampapapapapararararapam. Tududududududu du du tiri tiri tiri ti tum. Mes excuses. Wat vooraf ging aan deze verifiëring van verontschuldigingen is een schriftelijke vastlegging van wat ik daarnet speelde op mijn prüfung – kijk M, ik kan ook Duits – gitaar. Dit alles in een vlaag van postfacessosale stress. Doherty in vol ornaat. Heerlijk. Inderdaad. Doherty is a hero – ookal deelde B u in de vorige blog/column/whatever mee dat hij weer in jail vertoeft – hij is en blijft mijn held, mijn muze – om het abstract te stellen. U kent hem wel. Hij, die bezieler was van de Babyshambles, samen met Barat van de Libertines  een wereldbegrip maakte. Hij, die het bed ooit deelde met Kate Moss. Hij, die drugs en andere genotsmiddelen consumeert alsof u, B, S en anderen cupcakes zouden verorberen op een koude zaterdagavond in een gezellige pub in Londen bij een tas gloeiende chocolademelk in het bij zijn van goeie vrienden en een snuifje (Doherty)muziek op de achtergrond. Majestueus.

De staat van mijn lichaam en brein is intussen ietwat gemetamorfoseerd naar een vorm van otium, harmonie. Alsof Doherty het meeste van de breinige commotie – de alternatieve vorm van chaos – uit mijn eigenste ik liet verdwijnen. Convenabel, inderdaad. Aargh, vorm van snakken naar vervlogen herinneringen steekt de kop op. De herinnering aan de talrijke backstagemomenten met S en de anderen. De momenten van spanning voor het optreden, euforie na de tour de force. De band, connectie op het podium wanneer onze blikken raakten, het gevoel van voldoening. Het gevoel van doen waar je goed in lijkt te zijn, het gevoel van doen wat geapprecieerd lijkt te worden. Op zo’n momenten is het alleen de andere muzikanten, de gitaar en ik. Wat zich voor de bühne bevindt of afspeelt lijkt onzichtbaar. Geheel nihilistisch ten opzichte van dat wat daar afspeelt onder de verblindende spotjes en tussen de omvergestorte glazen – voorheen  gevuld met brouwsels waarvan alleen wij de effectieve inhoud weten, de slecht afgestelde versterkers en eigen geregelde PA’s.

Wetende dit alles tijdelijk – reken daar maar op – te hebben opgegeven om even tot rust te komen. Merkend dat er door het constante gemijmer naar voorgenoemde momenten, het invariable snakken naar zo’n ogenblikken, nog meer chaos, tensie en voltage lijkt te leven in het geestesvermogen. Té kwalijk en pernicieus om goed te zijn.

Daarom – vanaf juli 2011 – Harohnny-DJ-sets, SAGAA (Steven and Aïda Go Acoustic Again), and more. Be prepared.

This is not the end, this is just the beginning – by Bo V

Peut peut’, doet de stoomboottoeter van mijn buurman. ‘I am the rain’, zingt Peter – net veroordeeld voor 6 maand gevangenis wegens betrokkenheid bij een of andere moord – Doherty. Facebook checken. Rare mensen zien met nog raardere  gedachtekronkels die het extreem rare verlangen hebben die te delen met hun facebookvriendjes, die het natuurlijk enorm boeit wat hun ‘ik zal je maar toevoegen want ik wil geen gênante momenten wanneer ik je dan toch blijk te kennen en jij doodonschuldig vraagt of ik je vriendschapsverzoek heb gehad van een paar weken geleden, en ik moet doen alsof ik uit de lucht kom vallen – er moet iets misgelopen zijn! Facebook hé – om vervolgens thuis snel op accepteren te klikken’- vriendjes denken en doen in hun o zo interessante leventjes. Horen dat PP bijna helemaal uitverkocht is en blij zijn je ticket al lang in je mailbox hebben zitten (combi, you suckers!). A die tweet dat ze het land zal verlaten. N zien opgekruld liggen alsof alles zo zou mogen blijven, voor altijd. Als ze maar de nodige rust, aandacht en eten heeft. Het liefst grilled beef, als het even kan. Nog een keelpastille nemen – cassis, geen munt uiteraard – en je niet te hard af )proberen vragen wat al die chemicaliën met je tere lichaam doen. Verwoesten, kapotmaken, uitputten, vergiftigen, afslachten, verzieken zodat je langzaam sterft aan de vreselijkste kanker, terwijl je je op het einde nog probeert te verzetten met een paar laatste stuiptrekkingen en je de dood al voelt binnensluipen. Maar je keel doet toch een beetje minder pijn. Het volume van de boxen een beetje hoger zetten, en er proberen niet aan te denken hoe hard je trommelvlies geschaad wordt bij elke noot die het bereikt. Denken aan het feit dat het vandaag de laatste freaky friday afternoon was. En daar helemaal niets bij voelen, behalve verlossing, opluchting en een tikkeltje nostalgie. Maar dat tikkeltje vervliegt al snel in de vreugde van de komende maanden, jaren, decennia, de rest van mijn leven. Alles wat nu gebeurt, gebeurt voor het laatst. De laatste dagen van mei 2011. De laatste bacterieresten die nu mijn lichaam verlaten. De laatste lunch in een muffe refter met afhangende gordijnen – met dank aan NC – en afgebladderde verf op de muren die op instorten staan. De laatste letterlijk uitwerpselkleurige dagen. De laatste plasjes in bril- en papierloze toiletten (in ruil krijg je een verrukkelijk rioolgeurtje, snuif en geniet). De laatste verfrommelde briefjes ,die je vindt ergens diep in de zakken van je afgedragen en al verknipte broek, veel te laat beseffend dat je ze niet hebt ingediend en dus doen alsof je van niets weet – ‘ik heb dat blad helemaal niet gekregen! Niemand denkt aan mij!’ – om vervolgens een scène te schoppen als ze je weigeren naar huis te laten gaan na je laatste examen want ‘je hebt geen officiële toestemming van je voogd’. De middaglange wandelingen in het prachtige natuurdomein, genietend van de variatie aan fauna (ik herinner me een eend zes jaar geleden) en flora (ja hoor, zelfs op de banken groeit er mos), zolang je die liefde voor hun vegetatie maar niet te sterk uitdrukt (‘het is hier géén strand!’). Herinneringen? Ja. Nostalgie? Dat valt te betwijfelen. Om in clichés te vervallen: er is een tijd van komen en er is een tijd van gaan. En de tijd van gaan is gekomen.